Waardering eCommerce bedrijven

Als de grafiek een ding duidelijk maakt is dat de waardering van eCommerce bedrijven extreem uiteen kan lopen. Maar maar liefst 75X de jaarlijkse omzet, naar 1x of minder. Wat ook duidelijk wordt is dat de echte uitschieters (meer dan 10x de omzet) maar bij enkele bedrijven gebeurd.

Maar ook dat de waardering van het gemiddelde eCommercebedrijf vrij hoog is: maar liefst 5,8x de jaaromzet. De mediaan (de helft van de waarderingen is hoger, de andere helft lager) zit om 2,0x de jaaromzet. Ook stevig.

De drijvende kracht achter deze hoge waarderingen is het ‘winner takes all’ principe. Naarmate eCommercebedrijven een groter marktaandeel hebben wordt er een steeds sterkere virtuoze cirkel ingezet: meer volume –> meer marge –> meer investeren in verkeer –> meer volume, etc. etc.

Bijzondere piek in aankopen via apps in de ochtend

Een interessante grafiek die laat zien op welke tijdsvakken de verschillende access devices relatief het meest populair zijn. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen desktop toegang en toegang via mobiel internet of mobiele apps (dus een gemengd gebruik van tablets en smart phones, maar de vraag is hier of men via de browser de site bezoekt, of via een dedicated app).

Dat mobile web (en vooral in combinatie met de smart phone in de avonduren populair is, is vrij breed bekend. Het is ook lekker om op de bank te hangen met het mobieltje en wat rond te shoppen.

Maar vooral de piek van apps in de ochtend is heel opvallend. Deze piek is bij de andere devices niet in die mate aanwezig. Zijn dat de moeders die in de ochtend de aankopen doen via en daar blijkbaar de voorkeur geven aan een app ipv via de browser?

Ook is het opvallend dat de piek in de avond van mobile web later ligt dan van de andere access methods. Mensen blijken ook in bed nog even door te shoppen. Een ideaal moment ook om aan de partner te laten zien wat je voor moois op het oog hebt en de transactie te sluiten.

Nederland in de top marktaandeel aankopen mobiel

De bovenstaande grafiek laat mooi zien hoe groot het aandeel mobiele aankopen is in Nederland. Vergeleken met andere landen staan we in de Top 3, maar liefst 40% van de aankopen wordt mobiel gedaan.

In Japan en de UK is dat percentage hoger (respectievelijk 46% en 49%). Japan heeft een historie van grote adoptie van mobiele concepten. Zij waren -met iMode- ook het eerste land dat ‘smart services’ had via de mobiele telefoon. Lang voordat wij dat in Europa en de VS hadden (hoewel iMode is destijds ook in Nederland gelanceerd maar was een beperkt succes door de tegenvallende content die er op werd aangeboden).

Ook is het opvallend dat in de meeste landen de gemiddelde aankoopwaarde via mobiel lager is dan via desktop (logisch misschien ook, reizen hebben een hoge gemiddelde aankoopwaarde en gaan vaak via desktop), maar dat in Japan de waarde via mobiel inmiddels hoger is dan via desktop. Dat geldt ook voor Frankrijk en Rusland, waar de waarde hoog is, maar de penetratie nog wat lager. Hele interessante verschillen.

 

Voorkeuren access devices naar fase koopgedrag

Een interessant diagram dat goed neerzet welke access devices (telefoon, tablet of desktop). Opvallend is dat in de ‘voor-pret’ fase de voorkeur sterk uitgaat naar het mobieltje: in de bus nog eens kijken naar de foto-camera die je wil hebben, bij een vriend op bezoek nog eens laten zien welke fiets je zoekt, etc. Naarmate de zoektocht meer verfijnd wordt en meer koopintentie krijgt wordt meer en meer de tablet en desktop (of laptop) gebruikt.

In dit diagram is in de aankoop-fase de desktop dominant. Dat is snel aan het veranderen. Aan de consumentenkant stijgt het mobiele verkeer erg snel. Zeker bij vrouwen is dat het access device van voorkeur geworden (huisvrouwen die wel een goede/grote telefoon hebben, maar geen laptop van de zaak). Ook is het formaat (resolutie) van de telefoon snel toegenomen waarmee online winkelen niet meer zo’n opgave is. Online betalen via iDeal met de online bankierapps is via de telefoon tegenwoordig zelfs makkelijker dan via de desktop (geen Random Reader oid nodig). Ook aan de aanbodzijde (webshops) wordt er veel geinvereerd in het aantrekkelijker en gebruiksvriendelijker maken van de shops (responsive), sommigen lanceren zelfs speciale native shopping apps om het de klant makkelijk te maken (en klantloyaliteit te stimuleren).

Al met al mogen voor voor de nabije toekomst verwachten dat de vlekken in deze ‘heat map’ steeds meer naar tablet, en vooral, naar mobiel zullen verschuiven.

eCommerce in China is gigantisch. Hoe pak je het aan?

Zeer nuttig onderzoek van de grote consultant McKinsey & Company. China heeft zich ontwikkeld tot de grootste eCommerce markt ter wereld. In 2013 was deze markt met bijna 300 miljard dollar de Amerikaanse markt al voorbij. Voor 2018 wordt zelfs verwacht dat de Chinese markt in haar eentje groter zal zijn dan de die van Europa en de VS samen.

Dat biedt natuurlijk kansen voor producten en merken vanuit buiten China. De markt in China verschilt echter sterk met de EU of USA markten. En vergt daarmee een andere aanpak.

China is een groot land met veel inwoners, dat is algemeen bekend. Dat deze markt echter zo volwassen is in termen van eCommerce is minder algemeen bekend. Voor veel merken/producenten/retailers is China te groot om in alle grote steden (dat zijn er meer dan 200) een aanwezigheid te hebben. Dat dwingt de moderne Chinese consument online. In sommige steden met honderduizenden inwoners is internet de enige plek om bepaalde producten te kunnen kopen. Ruim 70% van de Chinese internetgebruikers doet online aankopen. ook in regio’s/steden waar de internetpenetratie laag is, wordt dit percentage gehaald (internetpenetratie varieert in stedelijke gebieden van 52% tot 86%).

Een bijzonder aspect van de Chinese markt zijn de grote internet-retailers en marktplaatsen (digital platforms). Veel merken bieden naast een eigen webshop ook spullen aan via deze marktplaatsen. Zo is er bijvoorbeeld Tmall; een website waar veel merken een shop-in-shop hebben. Daar staan ook ijzersterke merken als Apple of Burberry’s tussen. Natuurlijk heeft China ook een aantal grote algemene internet retailers (denk aan bol.com in Nederland): JD.com, VIP.com en Alibaba.

Een andere bijzonderheid van de Chinese markt zijn de consumer-to-consumer sales. Op stes als Alibaba en Taobao zijn vele duizenden aanbieders (consumenten) die producten aanbieden. Van voedingsmiddelen tot electronica tot kleding. Alles wordt aangeboden. Deze marktplaatsen stellen merken voor grote uitdagingen. Dit zijn plaatsen waar -naast eerlijke handel- ook veel nep-artikelen worden aangeboden. En artikelen uit parallel-import, overtollige voorraden van legitieme retailers, etc. etc. Dit maakt het heel moeilijk om de distributie in handen te houden en bijvoorbeeld controle te houden over verkoopprijzen of de stroom nep-artikelen.

Merken en producenten die willen slagen in China kunnen in de regel niet volstaan met een eigen website. Ze zullen in zee moeten gaan met de grote platforms (JD, Alibaba, Tmall, Taobao) om gebruik te maken van de grote hoeveelheden verkeer (consumenten) die daar de voorkeur aan geven. Dat vergt ook een actieve houding om om te gaan met allerlei onofficiële distributeurs. Waar deze in de afgelopen jaren vooral bevochten werden door de A-merken, zijn zij nu de strategie aan het wijzigen naar samenwerken: de grootste distributeurs via het grijze kanaal worden nu binnengehaald als officiele distributeurs.

Natuurlijk is het ook in China essentieel om met de juiste media-partners samen te werken. Een voorbeeld is Baidu, de Chinese zoekmachine. Maar ook de lokale social media zijn erg belangrijk. Denk daarbij aan WeChat. Chinezen blijken van nature meer wantrouwig voor informatie die ze via officiele kanalen ontvangen (bv overheid of grote ondernemingen) en vertrouwen meer op sociale media en peer-to-peer. Daarbij zijn de grote media-partijen op het vlak van social media essentieel voor een succesvolle communicatie-strategie.

Facebook: still going strong!

Als je de media er op naslaat zou bij Facebook het begin van het einde nabij zijn. Vooral jongeren zouden het medium/platform de rug aan het toekeren zijn. Uit recente cijfers blijkt het tegendeel. Het aantal maandelijkse actieve gebruikers (MAU) blijft stijgen. Dat zijn dus niet enkel de mensen die een account hebben, maar ook minimaal eens per maand toegang hebben tot hun account. Dat aantal nadert nu de 1,4 miljard!

Wat vooral opvalt is dat de ARPU kwartaal-per-kwartaal blijft stijgen. ARPU staat voor Average Revenue Per User. In het geval van Facebook worden de opbrengsten per gebruiker geheel door advertentie-inkomsten gedreven. Zowel de MAU als de ARPU blijven ook groeien:

 

De groei in actieve gebruikers vlakt af, maar de groei in inkomsten per gebruiker (advertentie-inkomsten) blijft maar sneller en sneller groeien. Dat is voor het grootste deel te danken aan de toenemende effectiviteit van de advertenties van Facebook.

Door het slimme gebruik van data weet Facebook steeds beter de juiste advertentie aan de juiste gebruiker (op het juiste moment) te tonen. Daarmee is de gemiddelde waarde per impressie aan het stijgen.

 

De bovenstaande grafiek illustreert ook dat de gemiddelde inkomsten per mobiele gebruiker snel toenemen. In het eerste kwartaal van 2012 was dat nog 0 (er waren geen advertenties in de Facebook app), en vanaf de introductie neemt de mobiele ARPU snel toe. Inmiddels bedragen de mobiele advertentie-inkomsten meer dan de helft van de Facebook-inkomsten.

In de Westerse wereld is ook het mobiele gebruik van Facebook zeer dominant. En laat dat toevallig ook het gebied zijn waar de opbrengsten per gebruiker het hoogst zijn; daar waar adverteerders veel aan een consument kunnen verdienen zullen ze ook meer aan op hen gerichte advertenties willen uitgeven. De grote verschillen in opbrengst per gebruiker blijken uit de volgende grafiek. Uiteraard verbaast het niemand dat de inkomsten in Noord Amerika veel hoger zijn dan in bijvoorbeeld Azie, maar dat ze ook 2-3x zo hoog zijn als in Europa blijft analisten verbazen.

Piekdownloads apps tijdens de kerstdagen

De kerstdagen zijn in de VS piekdagen voor zo’n beetje alles: aankopen, reizen, maar ook van app downloads. Dat wordt enerzijds gedreven door ‘new devices’ mensen die van de Kerstman een nieuwe phone of tablet krijgen gaan meteen op zoek naar nieuwe apps, maar ook door het feit dat velen dan een paar dagen vrij hebben en tijd hebben om een nieuw spelletje oid te proberen.

Opvallend is het echter wel dat de piek veel meer uitgesproken is in de US dan in China of de UK. Maar liefst een half miljard downloads in een week…

20 stappen naar een goede Business Page op Facebook

Voor veel bedrijven is Facebook een prima platform om met hun klanten te communiceren. Vooral bestaande klanten, en in het bijzonder fans, vinden het interessant om via deze weg op de hoogte te blijven van hun favoriete merken en bedrijven. En om ermee in interactie te gaan, alsmede met andere fans. De onderstaande infographic geeft een stappenplan en wat aanwijzingen omtrent hoe dit succesvol te doen.

Kiddie App bijna live!

Er is twee jaar ongelooflijk hard aan gewerkt, maar nu is het bijna zo ver: Kiddie App!

Check de video voor uitleg over de manier waarop Kiddie App ouders helpt bij het opvoeden van hun kleuters. Kiddie App is een pedagogisch systeem voor kinderen van 2 – 4 jaar. Het combineert voorlezen en belonen in één systeem.

Ideeen om jouw site beter te laten converteren

Als je een website gaat maken die moet overtuigen (converteren) heb je vaak een beeld voor ogen hoe deze er uit moet zien. Een beeld bij wat de bezoeker van een site verwacht, en hoe je daar optimaal aan kan voldoen. De onderstaande infographic is nuttig om te zien welke (onbewuste) keuzen je daarin maakt, en welke alternatieven daarvoor zijn.

Loop jouw ontwerp (of plaatje in jouw hoofd) een door aan de hand van de onderstaande chekclist van design-keuzen. Ook de lijstjes van bassale behoefte en overtuigingsmethoden die onder in de infographic staan zijn erg nuttig als een checklist.

KPIs en sociale media

75% van de marketeers (bron: Beerenschot) geven aan dat sociale media de nr1 trend is voor 2012: dat is de case die zij dit jaar moeten kraken: wat doen we er mee?

En zoals bij veel management en marketingonderwerpen zijn de KPIs die gebruikt worden vaak leidend voor het te voeren beleid. Wat ons brengt tot de vraag: welke KPIs worden belangrijk geacht?

Het bovenstaande illustreert wat marketeers belangrijk vinden als zij sociale media evalueren. Als je kijkt naar de belangrijkste 5 KPIs dan is er een duidelijke tweedeling te zien; keihard resultaat (bezoekers of conversies) vs betrokkenheid-engagement op sociale media (het aantal fans/volgers, actieve gebruikers of het aantal keer dat een bedrijf genoemd wordt in de sociale media). Het bedrijf dat beide soorten indicators volgt -en er zinnig beleid voor uitrolt- heeft het naar onze smaak goed begrepen.

Online is de nagel aan de doodskist van de kranten-business

Soms weet je iets al, maar moet je er even een plaatje van zien om het echt tot je te laten inwerken. Het bovenstaande plaatje toont de omzet van de kranten-industrie in de Verenigde Staten. Maar hij hij is voor Nederland niet zo veel anders, hooguit iets minder mega-dramatisch.

Een industrie die vanaf 1950 een geleidelijke groei laat zien en die in 2000 knakt, om geen ommekeer meer te zien. Interessant is dat er een kleine revival is tussen 2002-2004 als men de online omzet bij de omzet van de papieren krant optelt. In die jaren was de opbrengst van banners en dergelijke nog redelijk (een CPM van 10-30 euro was toen nog haalbaar) maar die is in de tussentijd ook gedecimeerd (erger want het is meer dan 10x minder waard geworden).

Op dit moment is de kranten-industrie kleiner dan hij in 1950 was. En het einde is niet in zicht…

Een illustratie van hoe disruptive technology een bedrijfstak op zijn kop zet. Natuurlijk is de vraag of dit een wenselijke ontwikkeling heel valide. Wie zorgt er vanaf nu voor nieuwsgaring en -duiding?

Welke tweets worden het meest doorgestuurd?

Voor veel online marketeers is Twitter een instrument waarmee zij Buzz or reach hopen te bereiken. Het is toch een mooi begrip dat je -met het juiste bericht- jouw doelgroep hun peers kan laten bereiken?

Maar wat zijn nu de eigenschappen die een Tweet retweetable maken?

  • Timing. Midden in de week worden tweets het meest gelezen. Lunch en einde-dag zijn het best om gelezen te worden. 5 uur blijk het beste tijdstip voor een RT te zijn. Hoe later op de middag hoe beter.
  • Autoriteit. Hoe geloofwaardiger en relevanter de afzender, hoe groter de kans op RT. Ben je een afzender waar mensen trots op zijn? Investeer in het bouwen van autoriteit, en verspeel deze niet met non-tweets (in de ogen van jouw volgers)
  • Puntig en niet over-the-top. Hou het kort en duidelijk. Zorg voor voldoende ruimte om überhaupt te retweeten (max zo’n 110 tekens) en vermijd goedkope woorden als spectaculair, ongelooflijk, verbluffend. De tactieken van Tell Sell zijn niet die van Twitter.
  • Trending topics/names. Zorg voor populaire woorden en namen in de tweets. Veel mensen volgen lijsten met dergelijke woorden en ook zij kunnen jou RTen.
  • Testen. Probeer verschillende dingen uit en kijk wat het best voor jou als afzender/organisatie werkt.

Voordelige advies internet-strategie of social media? HU-studenten onder begeleiding senior consultants!

Zowel Stefan van Vliet als José Cabrera y Charro van Compass Online Marketing geven parttime les aan de studenten van de Minor Online Marketing van de Hogeschool Utrecht. Een mooie manier om kennis uit de praktijk de delen met aanstormende talenten (dat zijn het echt!) en inspiratie op te doen in praktijkcases.

 

Binnen de minor doen de studenten in groepen van 4 een intensief adviestraject op het gebied van online marketing waarbij zij worden begeleid door een senior consultant (bv van Compass Online Marketing). Het is werk voor echte opdrachtgevers en in voorgaande edities is dit bijzonder waardevol geweest. Een intensief traject dat voor veel vernieuw in uw organisatie kan zorgen. De kosten zijn buitengewoon laag.

Onderstaand meer informatie. Voor meer informatie kunt u altijd contact opnemen met Dirk van der Steenhoven van de HU of Jose Cabrera y Charro van Compass.

Uw bedrijf als case voor een adviesteam van de Minor E- marketing en Social media

In de Minor Emarketing en Social Media van Hogeschool Utrecht werken studenten als junior consultants in een team van maximaal 4 personen onder begeleiding van een docent aan een opdracht van een echte praktijkcase van een echte opdrachtgever.

De studenten lossen voor opdrachtgevers cases op het gebied van internetstrategie, online marketing en sociale media op.

Dat kan vraagstuk zijn van bijvoorbeeld ‘hoe kan het aantal leads vergroot kan worden van naar X naar Y, en hoe moet de online wervingsstrategie er dan uitzien ( incl tactische aanbevelingen). Of: hoe kan de verbinding met klanten (particulieren/ bedrijven) versterkt worden (vergroten van engagement). Wat is de optimale internetstrategie? Hoe kan Sociale media ingezet worden? Etc

De studenten zijn consultants en komen niet een paar maanden bij de opdrachtgever werken als stageaires, dus er zijn geen werkplekken nodig. Zij vragen dus regelmatig wat tijd om input te krijgen, overleg te plegen en feedback te geven en te krijgen.

Om deze reden staat vraagt de HU een vergoeding (fee), om de volgende redenen:

Opdrachtgever krijgt:
– inzichten in klanten en markt
– een analyse van de website, incl sitetraffic
– een onderbouwd implementatieplan inclusief een businesscase
– een rapport met aanbevelingen voor optimalisatie website en traffic.

Voor de studenten wordt hierdoor ook veel minder vrijblijvend, immers de opdrachtgever betaalt voor het advies en ook voor de opdrachtgever is het hierdoor minder vrijblijvend, want er is meer commitment om medewerking te verlenen om tot een bruikbaar eindresultaat te komen. En alleen al door de research dat door de studenten verricht is, krijgt de opdrachtgever de nodige (nieuwe) inzichten.

De bedrijven dienen minimaal 5 medewerkers te hebben. Ook is een eis dat de opdrachtgever al een werkende website met traffic heeft. Dit is vereist omdat dan analyses op de website gedaan kunnen worden.

De studenten starten begin september 2012 met de minor, en werken actief aan de case vanaf medio september. Ze leveren eind december een conceptadvies op en presenteren dit medio januari aan de opdrachtgever.

Voor een persoonlijke toelichting of vragen over deelname aan een adviesopdracht, neem dan contact op met Dirk van der Steenhoven, manager Minor Emarketing en social media.
T: +31(0) 6 33002718
E: dirk.vandersteenhoven@hu.nl

 

Internationale verschillen in gebruik sociale media

Deze infographic geeft een interessante kijk op het internationale gebruik van sociale media. Wat vooral opvalt is hoe groot het verschil in activiteit in sociale media is (van de meerderheid van de bevolking die actief is, naar een minderheid) en hoe het gebruik verschilt. Landen waar een groot deel van de bevolking blogt vs landen waar bijna iedereen op video-netwerken publiceert. Ons valt vooral op hoe mensen in emerging economies actief zijn. Het is een voordelig en leuk wijze van recreëren en communiceren. Zij halen alles uit hun smartphone met internetverbinding! Zijn zij niet de beste social media consultants?

Sociale media voor kleine bedrijven

Sociale media zijn ontdekt door alle soorten marketeer, maar het lijkt erop dat vooral marketeers (eigenaren) van kleine bedrijven sociale media omarmen. Het zijn prachtige manieren om een brede doelgroep te kunnen aanspreken en business te genereren die bovendien geen/weinig budget vergen. Het kost vooral veel tijd en creativiteit, en dat is iets wat ras-ondernemers graag investeren.

Zijn we op weg naar een volgende internet bubbel?

Een machtige infographic waarin een vergelijking wordt getrokken tussen de jaren van de internethype rond 2000 en de periode nu. De paralellen dienen zich aan: veel aandacht voor internetbedrijven en beleggers die zich bij de emissie van nieuwe aandelen verdringen. Toch lijken een aantal zaken nu fundamenteel anders: Er zijn echte inkomsten en de waarderingen -hoewel hoog- zijn realistischer dan destijds.

De vergelijking tussen de waarderingen tussen bedrijven nu en destijds illustreert dit al. De tweede grootste zoekmachine (baidu) is momenteel evenveel waard als destijds een online kleding retailer die (niets) verkocht in een beperkt aantal landen (boo.com). Maar als je de waardering van de 2.0-bedrijven vergelijkt met oude economie bedrijven blijft het slikken. Skype net zoveel waard als een van de grootste vliegmaatschappijen?

De opbrengst per gebruiker van de verschillende internetbedrijven is erg interessant. Zo is een nieuwe gebruiker bij Facebook goed voor 4 dollar inkomsten, een nieuwe gebruiker van Skype goed voor 5,10 dollar en levert een gebruiker van Groupon zelfs meer dan 16 dollar op!

Het spectaculairst blijft de grafiek met de internetpenetratie. Sinds 2000 zijn er vooral in de landen met de lage en middeninkomens ontzettend veel gebruikers bijgekomen (bijv China en India) en het zullen vooral die concepten zijn die ook in deze landen financieel succesvol kunnen zijn die enorme waarde zullen gaan vertegenwoordigen.